Zoek op deze site:
     

rf-Interview 08-03-2020

  ramfoundation
    Het laatste nieuws:

door: Walter van Teeffelen

Ik studeerde Sociologie en Massacommunicatie en werkte tot mijn recente pensioen o.a. bij het Ministerie OCW, vanuit mijn interesse in kunst en cultuur schrijf ik daar regelmatig over.

Link:
https://ifthenisnow.eu/nl
  laatste nieuws
Kunstenaars elders - Artists elsewhere (lees verder)

Kunstenaar - kunst - verzamelaar

 
lamers_art
"Aden - 2019

400 hoog 100 breed 120 lang
400 glasplaten van 1 cm dik
14000 kg

 

Andere interviews:
Walter van Teeffelen

 

 

 

 

 

anbi

     
 
Kunstenaar:
 

Herman Lamers

 
lamers
 

Rotterdam had dit jaar flink uitgepakt met zijn kunst tijdens de Rotterdam Art Week. Er was natuurlijk Art Rotterdam in de Van Nelle Fabriek. Daarnaast werden op tientallen andere locaties werk van kunstenaars getoond, onder meer bij de Open Studios Borgerstraat. Op het binnenplein van dit ateliercomplex zag ik een grote installatie met o.a. een witte brug, een flinke meteoriet met een tentje erop en een vlag met daarop een balancerende oudere geslachtloze persoon. Uit luidsprekers klonk “Do you know where the scissors are”, de begintekst van een toneelstuk van Harold Pinter.

 
Herman Lamers: “Wat weet je zeker?”

Het was een gezamenlijk werk van de kunstenaars Herman Lamers, Yvo van der Vat en Leopold Emmen. Ik was bekend met Lamers’ beeld ‘De reus van Rotterdam’ aan de West-Kruiskade, maar ik kende zijn installaties en werk verder niet.

Huiselijk en onbewoonbaar

Een weekje later ben ik bij Herman Lamers op bezoek in zijn woonhuis in Rotterdam-West, om meer te horen van zijn ideeën over kunst en, daarnaast over zijn samenwerking met Hib Anninga, van de Anningahof bij Zwolle, waar al vanaf 2005 diverse van zijn kunstwerken te zien zijn. In gezelschap van de poes die af en toe een kijkje komt nemen, vertelt Lamers dat onder het witte bruggetje een auto verstopt was. En dat in het tentje muziek (atonale) van Schönberg klonk. Lamers: “Het tentje op de meteoriet is huiselijk, maar ook onbewoonbaar. Het komt vertrouwd over. Die muziek en de tekst werkten vervreemdend doordat je er slecht grip op krijgt. Ik gebruik readymates en no-readymates door elkaar heen. De meteoriet was wel door mij gemaakt. De verdwaalde beelden roepen de vraag op wat er eigenlijk te zien is, een beeld of een non-beeld. Is het er wel of is het er niet?”

De engel

Op tafel liggen allerlei boeken en brochures over zijn werk. Af en toe laat hij een werk zien dat zijn verhaal illustreert. Bijvoorbeeld over het permanente beeld van ‘De Glazen Engel’ in het centrum van Zwolle en het negatief daarvan dat staat voor het Insala Ziekenhuis. Dit beeld van de afwezige engel stond enige jaren in de Anningahof en is daarna aan het ziekenhuis verkocht. Het beeld bestaat uit vele lagen gestapeld transparant glas. Soortgelijke glazen beelden van Lamers, maar dan van een kind, staan er bij het kankerinstituut voor kinderen van het UMCG Groningen, en in Tianjin, China.

De transparante engel en het beeld van een reusachtig kind zijn glazen beelden met twee uitvoeringen. Er is een positief, het beeld zelf, en een negatief, het rechthoekige blok glas waaruit het positief is gehaald: het glazen beeld zonder de engel of kind, waarin je de contouren van het beeld niettemin ziet. Lamers: “Ik vind dat één van mijn beste beelden. In het negatief zijn de engel en het kind tegelijkertijd aanwezig en afwezig. Als je dichterbij komt verdwijnt het beeld als je er vanaf loopt komt-ie sterker tevoorschijn.”

Nijlpaarden

In Beverwaard-Zuid in Rotterdam maakte hij voor een vijver het beeld van af en toe opduikende nijlpaardkoppen. “Ik werd gevraagd om kunst toe te voegen aan deze mooie, maar ook doodstille vijver. Ik wilde een beeld maken dat af en toe de orde doorbreekt. De 12 nijlpaardkoppen komen onregelmatig te voorschijn. In de nijlpaarden zitten luchtkamers die door een computer ad random worden aangestuurd. De koppen komen naar boven, draaien een beetje rond, zitten vast met een ketting en verdwijnen dan weer. Ze horen er eigenlijk niet, maar het past er wel. Ze voegen iets aan die vijver toe, wat je niet verwacht. Als het winter wordt, gaan ze met winterslaap en in maart komen ze weer tevoorschijn. Kinderen zijn blij als de nijlpaarden weer terug zijn.”

Haaien

Lamers maakt regelmatig werk voor in de openbare ruimte. “Ik vind het belangrijk dat het verrast en een beeldend commentaar geeft op de omgeving. Ik heb niet de behoefte om direct te provoceren. In Schiphol had ik een aquarium gemaakt met kleine echte haaien. Het beeld werd gecompleteerd door een bijzonder vloerpatroon en met grenslijnen aan het plafond. Ik maakte het in 1992. Het aquarium bevindt zich op het einde van de G-pier. Ik vond het leuk om een onverwachte plek een verrassend beeld neer te zetten. De haaien hebben vormovereenkomst met vliegtuigen, waardoor een droste-effect met het vliegveld ontstaat. Helaas was er veel commotie om dit beeld. Bezoekers vonden het vanuit hun beleving zielig dat die haaien steeds maar dezelfde rondjes moesten het zwemmen. “Ze zullen zich vervelen”. Ik werd zelfs uitgemaakt voor dierenbeul. Nu zwemmen er kleine groepjes blauwe visjes in.”

De Reus van Rotterdam

De Reus van Rotterdam staat midden in de stad, op een plateau waar de bezoeker op kan komen via een trappetje en een open deur. Daar staat een grote stoel en vooraan staat het beeld van de Reus. Hij was twee meter 37. “Hij woonde er vlakbij in de buurt. Rotterdam had het over ‘de grootste man ter wereld in de grootste haven ter wereld’. Het was een aardige man, ook verlegen, die helaas als reclamezuil rondliep bij boten, naast de Japanners bijvoorbeeld. Toen zijn vader overleed, gingen er stemmen op dat de Reus voortaan niet meer misbruikt mocht worden en het beeld mocht geen karikatuur worden. Ik heb ‘m net zo groot gemaakt als-ie echt was. En hem de benauwde omgeving gegeven waarin hij moest leven, een kamertje. Hij had enorm grote schoenen, maat 63, die staan naast de stoel. Het is een reus op lemen sokken, het totale beeld is uitgevoerd in grijze tinten, als een ‘jaren-50 foto’. Mensen gaan naast hem staan, samen met hem naar de wereld kijken en zien dan pas hoe onhandig groot hij was.”

Olifant op het slappe koord

Heeft hij een sleutelwerk, een werk dat hem op een nieuw spoor zette? Hij blijkt regelmatig dit soort werken te hebben, maar als hij er een zou moeten noemen dan is het wel de Olifant op het slappe koord in het stadhuis van Den Haag, de grote witte hal van het ‘IJspaleis’ (2010). “Het beeld heeft er een half jaar gehangen, bovenin de grote hal. De tekening van de olifant is een empathisch beeld, kwetsbaar en plomp tegelijk. In de megalomanie van die ruimte zocht ik een relativerend element. Het was spannend om een beeld te maken dat kon concurreren met het gebouw. De uitvoering was een enorme uitdaging: om een beeld van 9 bij 11 meter op te hangen.”

Het blauwe huis met de vechtende mannetjes

En hij wil ook wel ‘Het blauwe huis’ bij het Anningahof hierbij noemen. Aan de rand van het beeldenpark restaureerde hij dit wrakke huis, schijnbaar goed voor de sloop. “Een geheime plek om in te verdwijnen in een onbekende privé wereld. Ik vind het interessant als de kijkers niet het beeld zien, maar eerder een herinnering krijgen. In de buurt op een heuvel kwamen acht vechtende mannetjes, poppetjes in een slagveld terecht, ‘Massacre’. Die poppetjes, gemaakt van purschuim, werden er elk jaar meer. Het werd een oneindige hoeveelheid. De poppetjes verkleurden en vergingen in de loop der tijd. Het beeld haalde zich als het ware zelf onderuit. Alsof het een natuurlijk proces is.”

Dierenlandje, Rotterdam

In Rotterdam had hij een eigen beeldentuin van 2005 tot 2015, “Het Dierenlandje” waar hij de beelden elk jaar veranderde. “De inwoners konden bepalen welk beeld weg kon. De beelden wisselden regelmatig in kleur en huid. Soms allemaal wit, soms veel kleuren, soms zwart. Door ze elk jaar anders te laten zijn, stelde ik de beelden ter discussie.”

 

Wat doen?

Hoe lang is hij al als kunstenaar actief? “In 1981 studeerde ik af van de Minerva Academie in Groningen. Een hele degelijke figuratieve opleiding. Ik had eerst 1,5 jaar medicijnen gestudeerd. Maar dat was het toch niet. Wat moest ik gaan doen? Toen heb een test gedaan. Uit die test kwam dat ik alles kon kiezen, behalve het beroep van kunstenaar. Dat was een grote teleurstelling maar ook een uitdaging: iets doen wat je eigenlijk niet zou kunnen. Ik vind het steeds interessant als er een onverwacht aspect van mij in mijn beelden naar voren komt.


 

Invulling voor locatie

Eenmaal afgestudeerd maakte hij in de eerste jaren grote installaties in leegstaande fabrieken en kantoorgebouwen. Dat paste ook in de tijdsgeest. “Hoe groter de ruimte, hoe beter. Zo maakte ik voor elke etage van een gemeentehuis van zeven verdiepingen in Capelle aan de IJssel een ruimte vullende installatie. Daar is mijn beeldend denken uit voortgekomen. In het gebouw hing op elke laag een bepaalde sfeer, en daar wilde ik antwoord op geven. Ook een grote installatie in Marseille, Frankrijk: daar maakte ik een kunstmatig landschap in de voormalige opslagruimtes van Gauloise sigaretten. Mijn werk was altijd toen tijdelijk. De eerste twintig jaar, tot 1995, heb ik van het ene project tot het volgende gewerkt en geleefd.” Toen kwamen de opdrachten en ging hij ook lesgeven aan kunstacademies.

Tot slot, wat is zijn filosofie? Lamers: “Ik wil dingen maken waardoor mensen gaan nadenken over hun ervaringen en de betrouwbaarheid van hun waarnemingen en herinneringen. Voor een park Schiedam maakte ik regelmatig mist onder een paar bomen, gelijktijdig waren er versterkte vogelgeluiden horen. Op die manier speel ik met de zintuigen. Ik creëer graag het gevoel dat je dingen niet helemaal kan waarnemen. Wat weet je zeker?”

Kadertje

In aanraking met kunst gekomen: Ik heb geen cultuurhistorische achtergrond van huis uit. Ik had bewondering voor kunstzinnige dingen die wat vriendjes op de middelbare school maakten. Ik was de enige van mijn familie die naar de kunstacademie ging. Kunst heeft mij een andere wereld leren kennen.

 

Was het moeilijk voor kunst te kiezen? Neen. In die tijd was alle toekomst onduidelijk, doe maar wat je interessant vindt.

Belangrijk in opleiding: De studie was ondanks de puur figuratieve aanpak fantastisch. De Academie heeft me vooral enorm leren kijken. En verwondering opgeroepen. Ik leerde door 2/3/4 lagen heen denken. Een docent maakte onbekende deuren open bij mij. Er komen veel dingen ter sprake die je later kunt gebruiken, het is een soort reservoir.

Waar haal je je informatie vandaan? Uit alles. En vooral veel kijken. Vrienden zijn belangrijk, daarnaast lezingen om ergens inzicht in te krijgen. Lesgeven is belangrijk. Ik geef les op de Kunstacademie St. Joost in Den Bosch en Breda. Daardoor ben ik bijv. Mondriaan veel meer gaan waarderen. Ik moest kunst onderzoeken en uitleggen die je eigenlijk niet zo goed kent. Daardoor ontstaat een veel opener houding naar de kunstwerken.


 

Is de rust van het atelier belangrijk? Ik houd niet echt van werken in het atelier, maar ik heb natuurlijk wel een plek nodig om het werk voor te bereiden. Werken op locatie vind ik veel prettiger en is ook belangrijker voor mij, daardoor reis ik heel veel.


Contact met verzamelaars: Hib Anninga en zijn beeldentuin is heel belangrijk voor mij. Hij heeft mij 15 jaar geleden benaderd en daarna is het contact langzaam verder gegroeid. Ik krijg de ruimte en het vertrouwen om mijn werk op de juiste manier te presenteren. Het is een tentoonstelling van een jaar en elk jaar besluiten we welke werken blijven en welke beelden hun tijd bij hem hebben gehad. Dat is een heel zuiver proces.

Wie heeft werk van je? Musea, bedrijven, gemeenten en particulieren.

Waar is recent werk van je te zien? Bij het Anningahof staat sinds vorig jaar een groot glazen beeld. Binnenkort komt er nieuw permanent werk van mij in Diemen, en een beeldentuinexpositie in Rhoon. Daarnaast een groot project in een provincie in China.

Trends binnen de kunst: Er komen op de belangrijke plekken en musea te veel blockbuster tentoonstellingen. Dat is jammer. Op Art Rotterdam 2020 was er veel abstractie, kwetsbare dingen, klein, persoonlijk, maar weinig maatschappij betrokkenheid, kunst lijkt meer eenkennig en introvert geworden.

Waar leef je naar toe? Mijn beeldende project in Dafang, China. We zijn met zeven Nederlandse kunstenaars en vier Chinese, ik ben curator en deelnemer. We maken specifieke installaties in oude leegstaande Chinese huizen.

lamers_atelier

Atelier Herman Lamers

Links:
website Herman Lamers
van 19.04-20.09 solo bij gb5 in Rhoon
 
 
Verzamelaar:
 

Hib Anninga

 
anninga
 

Anningahof is een prachtig beeldenpark in Zwolle, circa 5,5 hectare groot, opgericht door Hib Anninga in 2004. Er is een grote variëteit moderne beeldende kunst te zien van ‘oude meesters’ als Shinkichi Tajiri, Armando, Cornelius Rogge en André Volten, naast bekende hedendaagse kunstenaars waaronder Sjoerd Buisman, Nico Parlevliet, Tom Claassen, Tanja Smeets, Henk Visch, Auke de Vries en Herman Lamers en een groep nieuwkomers. Er zijn zowel buiten als binnen beelden te zien.

 
Hib Anninga van Beeldenpark Anningahof: “Herman Lamers maakt heel divers werk. Dat is het bijzondere van hem.”

Op een regenachtige maandag in februari ben ik op bezoek bij Hib Anninga, om meer te weten te komen over zijn beeldentuin en over de rol van de werken daarin van de kunstenaar Herman Lamers, die ik ook geïnterviewd heb.

80 jaar

We zitten in de ruime woonkamer van de voormalige boerderij. Rondom me heen zie ik diverse kunstwerken, een mannetje met een witte koffiepot om zijn nek van Antoine Bergs, een groot schilderij van Rinke Nijburg, en, warempel, een blauw mannetje van Herman Lamers dat zo lijkt te zijn weggelopen uit het leger van vechtende mannetjes in de tuin.

Anninga gaat naar boven om de catalogussen van alle jaren erbij te halen. Want hij wil ook wel precies weten hoe vaak Lamers present was in de tuin.

Herman Lamers I

Het eerste jaar, 2004, was Lamers er nog niet bij. Maar in 2005 komen de eerste beelden. Anninga: “Een echte Lamers, een monumentaal beeld van een kwetsbare bloem met neon-kern op een kromme paal. Die heb ik geplaatst bij de ingang als ontvangst van de gasten. Een ander verrassend beeld uit dat jaar bestond uit een grote polyester hond met aan de wand een enorme overall met daarnaast grote rode damespumps. Dit vreemde ensemble kreeg een plaats tegen de schuur.”

Daarna zie ik een grote variatie van kunstwerken van Lamers voorbijkomen: Het transparante beeld van een meisje dat op haar kop staat in een teil, het bootje met de stier: ‘Fanfare’, met vogels van glas aan de wal, een legertje poppetjes in vechthouding op een berg :‘Massacre’, een neonbeeld van “De Olifant op het Slappe Koord”. Anninga: “Lamers’ werk is heel divers. Dat is het bijzondere van hem. Andere kunstenaars herken je in één oogopslag. Er zit wel heel vaak humor in zijn werk. Hij hoeft geen handtekening te hebben. Dat zou hem alleen maar belemmeren in zijn fantasie. Hij kan heel goed werk maken voor een bepaalde locatie. Maar tegelijkertijd passen veel werken van hem ook op meerdere plekken. Dat ongrijpbare en onverwachte vind ik interessant.”

Aanleg beeldentuin

Het beeldenpark werd in 2002 aangelegd. In 2009 vernam Anninga van de provincie dat een deel van het park, ongeveer de helft, benodigd was voor de aanleg van een nieuwe weg. Hij onderhandelde over compensatie en kreeg een even groot deel aan grondoppervlak terug. Het park is nu meer in de lengte gerekt. Anninga: “Het was een enorme ingreep. Een groot deel moest helemaal nieuw ingericht worden. Ik liet een geluidswal van vijf meter hoog maken om het geluid van de nieuwe weg tegen te houden. Er moesten nieuwe struiken, bosschages en bomen geplant worden.”


 

Het eerste idee

Hoe kwam Anninga erbij met een beeldenpark te beginnen? “Ik werkte op het hoofdkantoor van de ABN in Amsterdam dat zich in de binnenstad bevond. Ik woonde aanvankelijk acht-hoog in Amstelveen, maar ik wilde graag op de begane grond gaan wonen. Ik liep regelmatig langs de grachten. Het was mooi wonen daar en het was in die tijd erg goedkoop. In 1982 was het een slechte tijd voor de huizenmarkt. De kraakbeweging was actief met ‘Geen woning, geen kroning’, het was (olie)crisis, en de rente was 12,75 procent. Toch kocht ik een pand aan de Prinsengracht. Het was een smal huis, souterrain, begane grond en twee verdiepingen daarboven, vier meter breed, achttien diep en een prachtige tuin van twintig bij vier op het zuiden. Daar had ik mijn eerste tuin. Ik kon naar mijn werk wandelen.”

Echte kunst

Toen hij eenmaal aan de Prinsengracht woonde, wilde hij ook kunst in het huis. Anninga bezocht musea en diverse galeries, maakte er contact en deed er aankopen. “Ik werd langzamerhand een kunstliefhebber. Mijn ouders waren niet zo van de kunst, alhoewel mijn vader van antiek hield. Zowel mijn vader als mijn moeder waren onder de indruk van het enthousiasme van Pierre Janssen. Henk van Os, de latere directeur van het Rijksmuseum was ook zo’n goede verteller. Dat enthousiasme voor de kunst is ook bij Anninga aanwezig.”

Terug naar de boerderij

18 jaar woonde en werkte hij in Amsterdam. In 2002 verhuisde hij terug naar de boerderij van zijn ouders om in het achterhuis te gaan wonen. Maar hij begon de boerderij wel fundamenteel te veranderen in een beeldentuin met een combinatie van natuur en cultuur. Hij ging ter oriëntatie diverse beeldentuinen bezoeken. “Er zijn er veel, wel 120, maar het merendeel is erg decoratief georiënteerd. Ik heb geen behoefte aan mooi gepolijste poppetjes maar wilde meer avontuurlijk hedendaags werk. Galeriehouders gaven mij als advies: meteen met goede kunstenaars beginnen. Daarbij gaven ze tips. Ik ging ook veel naar tentoonstellingen.”

Herman Lamers II

We keren weer even terug naar Herman Lamers. We bekijken de glazen Engel van Lamers (2011), die later aangekocht werd door het Isala Ziekenhuis, twee grote monumentale woorden ‘NO NO’(2010) : twee maal een ontkenning, “het beeld stond op de grond die ik moest inleveren”, het blauwe vervallen huisje (2013) met daarin een afgietsel van een knotwilg. “Heel romantisch, het heette ‘De droom’. Het hoofd van een oude man in glas (‘The Old Man’) Een zebra (zonder strepen) op een vogelnest: ‘Wrong Place’, (dit beeld werd in 2018 aangekocht), Vier zeehonden die ad random opduiken uit het water in 2018. In 2019, het beeld van ‘De grote kleine Reus’, dat refereert aan ‘De reus van Rotterdam’. En de enorme paarse meteoriet speciaal gemaakt voor het eiland midden in het park: ‘Melancolica’.

De stichting Het Anningahof kocht in 2019 het enorme glazen beeld ‘Aden’ (2019) aan, het negatief van het glazen beeld voor het Groninger Ziekenhuis.

Sommige beelden blijven lang, andere vertrekken om plaats te maken voor nieuwe. Dat is elk jaar een heel zorgvuldig proces dat hij altijd goed met de kunstenaars bespreekt. De beeldentuin moet zich blijven ontwikkelen en nieuwe richtingen inslaan met verrassende beelden. Hib Anninga is altijd op zoek steeds een interessante mix van abstracte, figuratieve en conceptuele beelden.

Een feest

Tot slot: “Met kunstenaars omgaan is een feest, vooral de beeldhouwers. Mijn beeldenpark biedt de ruimte om hun werk goed tot zijn recht te laten komen. In de loop der jaren is de band met Lamers en zijn werk enorm verstevigd. Maar dat geldt voor meer kunstenaars. Er komt dit jaar opvallend veel nieuw werk dat zij speciaal voor het park maken, bijvoorbeeld van Caspar Berger, Ivan Cremer, Wouter Klein Velderman, Elisabeth Stienstra, Maartje Korstanje, Herbert Nouwens, Pim Palsgraaf, Tanja Smeets en Nico Parlevliet. Ik heb veel bewondering voor hen om het aan te durven in een relatief moeilijke tijd toch nieuw werk te maken.” Jaarlijks komen er tegenwoordig duizenden bezoekers. Op een opening lopen er altijd wel 40/45 kunstenaars rond die graag met iedereen in gesprek gaan.

 

Kadertje

Wanneer ben je gaan verzamelen? Rond 1985.
Ken je het verhaal achter het werk? Dat is belangrijk. Werk moet aan aantal eisen voldoen. Ik werk niet met een thema. Ieder werk krijgt voldoende ruimte en zo kun je grote diversiteit creëren. Regelmatig komen hier kunstcommissies kijken.
Waar haal je je informatie vandaan? Veel online, kunstenaars bezoeken, tentoonstellingen bezoeken. Op dit moment zijn we voor 2020 een binnen-beelden samenwerking aangegaan met Park Sonsbeek.
Ga je naar afstudeerprojecten van academies? Ja, ik ga regelmatig naar bijeenkomsten en bezoek kunstenaars individueel. Morgen ga ik bijvoorbeeld naar de Princessehof in Leeuwarden.
Zie je veel kunst in het buitenland? Niet zo veel. Voor toekomst heb ik overwogen kunst uit Duitsland hierheen te halen. Ik heb contact oud-directeur van een museum Duitsland, een Nederlander. Ik denk ook aan samenwerking met België/Frankrijk.
Zie je verschillen in prijs of trends? De verdeling 1/3, 1/3, 1/3 (materiaal, kunstenaar, galerie) geldt al lang niet meer. Nu betaal je de naam, ook bij schilderijen.
Wat zou je anders willen zien in het kunstcircuit? Nederlandse kunstenaars worden ondergewaardeerd, ook in tentoonstellingen van musea. Opdrachten gaan steeds vaker naar een buitenlandse kunstenaar.

anninga_locatie

Aden in Anningahof

Links:
bijv: website verrzamelaar